De polis rechtsbijstand in het verkeer
Als mensen betrokken geraken bij een ongeval in het verkeer of zij dienen zich te verantwoorden voor overtredingen in het verkeer kunnen zij bijna altijd beroep doen op de verzekeringsmaatschappij van hun auto. Mensen kijken er vaak over, en de verzekeringsmaatschappij maakt er misschien niet meteen reclame voor, maar ook bij een beperkte rechtsbijstand hebt u vaak de betaling van een tussenkomst van een advocaat onderschreven. En u betaat er ook voor, dus is het aan u om er gebruik van te maken. De maatschappij kan tussenkomst weigeren in zeer ernstige gevallen waarbij de overtreding grenst aan opzet, zoals bijvoorbeeld vluchtmisdrijf met gewonden. Naar mijn idee is dat geen correcte attitude. Het is inderdaad correct dat bij dergelijke misdrijven de maatschappij de vergoeding van de schade aan de tegenpartij mag terugvorderen van de verzekerde, maar dat is iets anders dan de kosten van de procedure.
Goed om weten is verder dat u kunt kiezen tussen een advocaat die aangesteld wordt door de verzekeringsmaatschappij of een raadsman die u zelf kiest. De Wet en internationale verdragsregels voorzien immers “vrijheid van keuze” van raadsman. Het is niet aan mij om te oordelen wat de beste optie is, maar het is minstens goed om weten. De advocaten die werken voor een verzekeringsmaatschappij zijn uiteraard zeer beslagen in de materie, maar ook daarbuiten zijn er veel advocaten die thuis zijn in alles wat met verkeer te maken heeft.
Een klein aandachtspuntje nog: de verzekering staat in voor uw verdediging, als u de polis rechtsbijstand hebt onderschreven. Als u veranderd bent van verzekeringsmaatshappij is het de verzekering waar u beroep op deed op het ongenblik van het ongeval of misdrijf die u moet aanspreken.
Ten slotte: de verzekering betaalt uw procedurekosten, zoals deze van een advocaat en deze van een gerechtsdeurwaarder.
Als u veroordeeld wordt krijgt u misschien een boete en moet u een som betalen voor het Fonds voor Slachtoffers van opzettelijke gewelddaden. Daarnaast zijn er kleinere gerechtskosten. Al die zaken betaalt u uiteraard zelf. Het blijft dus altijd beter om voorzichtig te zijn in het verkeer, zeker na een aantal ingrepen in de Wet die de (dronken) overtreder streng bestraft, maar daar kom ik later op terug
Kleine dingetjes
De nieuwe locatie zorgt voor héél veel dingen die het leven aangenamer maken. Zo is het cafetaria nu een grote ruimte, die binnenkort voorzien zal worden van aangename zitmeubeltjes. En, ook..er worden opnieuw croissant en boterkoeken verkocht: goed voor de al te haastige confraters die niet de tijd nemen om thuis een deftig ontbijt te nemen. Zal het ooit zo ver komen dat in onze cafetaria een aperitief kan gedronken worden, zoals in Brugge? Voorlopig een raadsel!
Nieuw gerechtsgebouw.
Electronische aangite van misdrijven.
Op 1 januari van dit jaar startte de politie van Gent onder het goedkeurende oog en op initiatief van minister van Binnenlandse Zaken Patrick DeWael net zoals 4 andere Belgische steden en gemeenten een proefproject met een e-loket waar de Gentenaar aangifte kan doen van fiets- en winkeldiefstallen en van vandalisme. Voordien konden de Gentse burgers al meldingen doen en (verdachte!) zaken signaleren via een meldpunt op de site www.politiegent.be (een link die overigens de pijp aan maarten heeft gegeven). Per dag kwamen via dat kanaal gemiddeld ongeveer 25 meldingen binnen. Voor een echte aangifte moest je ook voor kleinere zaken nog steeds naar het politiekantoor…jammerlijk tijdsverlies voor velen, waardoor heel wat mensen nalieten kleine misdrijven aan te geven.De politiezones waar het project doorgaat zijn:
- Politiezone Brussel West: Ganshoren, Jette, Koekelberg, Sint-Agatha-Berchem, Sint-Jans-Molenbeek,
- Politiezone Druivenstreek: Hoeilaart, Overijse
- Politiezone Gent
- Politiezone La Louvière
- Politiezone Lommel
Wie beroep wenst te doen op dit e-loket surft naar epol.be/eloket/?lang=nl, één internetadres voor alle zones die deelnemen. Op dit adres krijgt u meteen alle uitleg over de mogelijkheid tot aangifte, zoals bijvoorbeeld de voorwaarden en de verschillende manieren om in te loggen en/of een account te creëren.
Hiervoor moet u zich identificeren bij het e-loket via uw (eventuele) elektronische identiteitskaart (eID), een burgertoken in combinatie met gebruikersnaam en paswoord of uw gebruikersnaam en paswoord op het Federale Portaal. Burgers die via internet een aangifte doen, krijgen meteen een bevestiging toegestuurd. Die kan meteen dienen als attest voor de verzekering, wat bij beschadigingen en dergelijke erg handig is.
Na het invoeren van de feiten krijgt u een samenvatting van de aangifte, die u kan bevestigen of corrigeren. Bij het bevestigen van de aangifte wordt deze doorgestuurd naar de politiezone waar de feiten zich hebben voorgedaan en wordt een uniek referentienummer aan uw aangifte toegekend. Zowel de samenvatting van uw aangifte als het unieke referentienummer van uw aangifte kunnen worden afgedrukt.
Commissaris Steven De Smet voorzag vooraf enkele kinderziekten, maar al bij al valt dat nogal mee. Maar dan vooral omdat het nieuwe systeem amper gebruikt wordt, ondanks de persbelangstelling en de duidelijke vermelding op de website van de Gentse politie. Het zal nog een heel tijdje duren voor mensen op de hoogte zijn van dit politionele snufje, en nog langer voor er algemeen gebruik van gemaakt wordt. Doch vanaf dit ogenblik is de trouwe Gentblogt-lezer alweer op de hoogte van deze niet onbelangrijke innovatie. Wat niet betekent dat u nu massaal dit systeem moet gaan testen. De valselijke of lasterlijke aangite blijft strabaar, ook via het internet!
Overigens, misdrijven op datzelfde internet kunt u net als vroeger aangeven via http://www.ecops.be. Mocht u al beroep gedaan hebben op deze diensten dan zijn wij zoals immer nieuwsgierig naar uw bevindingen!
Dit artikel schreef ik aanvankelijk voor het geliefde Project, maar wegens relevantie verschijnt het dus ook alhier!
Reglement inzake advocaat en media!
.
Fonds voor Slachtoffers van opzettelijke geweldsdaden.
(via Justfgov.)
1.financiële hulp
De Belgische wet(1) voorziet sinds 1 augustus 1985 in de mogelijkheid van een financiële tegemoetkoming van de Staat aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en, in bepaalde gevallen, aan hun verwanten.
Een administratief rechtscollege, de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, oordeelt of de wettelijke voorwaarden om van een financiële hulp te genieten vervuld zijn en beslist over de toekenning en de omvang van deze hulp.
De wet garandeert geen integrale schadeloosstelling. De geboden hulp berust op het idee dat de collectiviteit solidair moet instaan voor het verlichten van schade die aan opzettelijke gewelddaden te wijten is.
Het betreft een louter financiële hulp. Voor psychosociale hulp kan u terecht bij de centra voor slachtofferhulp(2) , Deze centra kunnen het slachtoffer ook bijstaan in de procedure voor de Commissie.
2. Voor wie ?
Wie ernstige lichamelijke of psychische schade ondervindt als rechtstreeks gevolg van een opzettelijke gewelddaad kan een hulp aanvragen.
Het gaat om gewelddaden waarbij de dader, met opzet, geweld pleegt op de persoon van het slachtoffer. Misdrijven uit nalatigheid of onvoorzichtigheid (zoals de meeste verkeersovertredingen) en vermogensdelicten (zoals diefstal zonder geweld of bedreiging) zijn uitgesloten.
De financiële hulp voor een minderjarig of onbekwaam slachtoffer wordt, in zijn of haar naam, door een ouder, voogd of wettige vertegenwoordiger gevraagd.
Wanneer het slachtoffer overlijdt ingevolge de opzettelijke gewelddaad komen de nabestaanden, of de personen die in duurzaam gezinsverband met het slachtoffer samenleefden, in aanmerking voor een financiële hulp.
Ouders of personen die voorzien in het onderhoud van een minderjarig slachtoffer, dat als gevolg van een opzettelijke gewelddaad langdurige medische of therapeutische behandeling behoeft, komen eveneens in aanmerking.
Een financiële hulp kan tot slot ook gevraagd worden door verwanten tot en met de tweede graad van een slachtoffer dat sinds meer dan een jaar vermist is, indien deze vermissing naar alle waarschijnlijkheid te wijten is aan een opzettelijke gewelddaad. Hetzelfde geldt voor de personen die in duurzaam gezinsverband met het slachtoffer samenleefden.
Ook als de dader onbekend blijft of ontoerekenbaar is, kan een hulp worden toegekend.
3. Welke soorten ?
De hoofdhulp is het bedrag dat de Commissie als financiële tegemoetkoming voor de geleden schade toekent.
Zonder de afloop van het vooronderzoek en de gerechtelijke procedure af te wachten, kan de Commissie ook een noodhulp toekennen. Meerbepaald wanneer elke vertraging bij de toekenning van de hulp een aanzienlijk nadeel zou berokkenen aan de verzoeker. Bijvoorbeeld wanneer hij over een bescheiden inkomen beschikt en ingevolge de gewelddaad met aanzienlijke medische kosten geconfronteerd wordt. Wanneer het slachtoffer oplopende medische kosten aantoont, wordt de hoogdringendheid verondersteld.
Wanneer het nadeel kennelijk toeneemt na de toekenning van de hoofdhulp, kan het slachtoffer om een aanvullende hulp verzoeken.
Bij de toekenning van een hulp legt de Commissie de modaliteiten vast. Wanneer het slachtoffer of diens verwant minderjarig is, kan de Commissie bevelen om (een deel van) de toegekende hulp op een spaarboekje te storten. Dit spaarboekje, op naam van het kind, zal vanaf de meerderjarigheid beschikbaar zijn.
4. Wat zijn de voorwaarden ?
De wet voorziet de volgende voorwaarden:
-
De opzettelijke gewelddaad moet in België gepleegd zijn (4).
-
Het slachtoffer bezit op het moment van de gewelddaad de Belgische nationaliteit, is gerechtigd het Rijk binnen te komen, er te verblijven of er zich te vestigen, of heeft naderhand van de Dienst Vreemdelingenzaken, in het kader van een onderzoek wegens mensenhandel, een verblijfsvergunning van onbepaalde duur verkregen.
-
Voor het bekomen van een hoofdhulp is het noodzakelijk om de resultaten van het vooronderzoek of de strafprocedure af te wachten. Twee hypothesen zijn mogelijk:
Wanneer de dader gekend is, kan de hulp na de definitieve veroordeling van de dader worden toegekend;
Wanneer de dader onbekend blijft, kan dit na de beslissing tot seponering, of van zodra een jaar verstreken is sinds de burgerlijke partijstelling.
Voor een noodhulp is geen beslissing op strafgebied vereist. Het volstaat dat de verzoeker klacht heeft neergelegd of zich burgerlijke partij heeft gesteld; de Commissie zal bij het parket de nodige inlichtingen inwinnen.
Wanneer de dader niet strafrechtelijk vervolgd kan worden, bijvoorbeeld omdat hij minderjarig is, houdt de Commissie daar rekening mee. -
Indien de dader gekend is, moet de verzoeker schadevergoeding nagestreefd hebben. Dit kan blijken uit de burgerlijke partijstelling of de vordering voor een burgerlijke rechtbank van de verzoeker, of eventueel uit de rechtstreekse dagvaarding van de dader.
-
De verzoeker mag over geen andere mogelijkheden beschikken om een afdoende vergoeding van zijn schade te bekomen. De tussenkomst van de Staat is subsidiair.
Zo houdt de Commissie rekening met de solvabiliteit en de eventuele afbetalingen van de dader, de tussenkomst van de mutualiteit of de arbeidsongevallenverzekeraar en de eventuele vergoeding op basis van een private verzekering.
5. Wat kan ik vragen ?
De personen die de gewelddaad hebben ondergaan, kunnen voor de volgende bestanddelen van de geleden schade een hulp aanvragen
- de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;
- de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;
- de tijdelijke of blijvende invaliditeit;
- een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;
- de esthetische schade;
- de procedurekosten tot een bedrag van 4.000 EUR(6) ;
- de materiële kosten (kledij, verplaatsingskosten,…) tot een bedrag van 1.250 EUR;
- de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren.
De nabestaanden van een overleden slachtoffer kunnen een hulp aanvragen voor:
- de morele schade ingevolge het overlijden van het slachtoffer;
- de medische kosten en de ziekenhuiskosten;
- het verlies van levensonderhoud voor personen die op het ogenblik van de gewelddaad ten laste waren van het slachtoffer;
- -de begrafeniskosten tot een bedrag van 2.000 EUR;
- de procedurekosten tot een bedrag van 4.000 EUR(6);
- de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren.
De verwanten van een vermiste persoon, of de ouders van een minderjarig slachtoffer dat als gevolg van een opzettelijke gewelddaad een langdurige medische of therapeutische behandeling behoeft, kunnen een hulp vragen voor:
- de morele schade;
- de medische kosten en de hospitalisatiekosten;
- de procedurekosten tot een bedrag van 4.000 EUR(6).
Noodhulp kan voor schade boven de 500 EUR worden toegekend en is gelimiteerd tot een bedrag van 15.000 EUR(7) .
De totale hulp die aan een slachtoffer of zijn verwant kan worden toegekend, bedraagt maximaal 62.000 EUR.
Een hulp wordt pas toegekend wanneer de schade meer dan 500 EUR bedraagt.
6. Waar houdt de commissie verder rekening mee ?
De Commissie gaat na of aan wettelijke voorwaarden is voldaan. Is dit het geval, oordeelt ze over de toekenning en de omvang van de hulp.
De Commissie houdt rekening met:
- het gedrag van de verzoeker indien deze rechtstreeks of onrechtstreeks heeft bijgedragen tot het ontstaan van de schade of de toename ervan;
- de eventuele onderlinge relatie tussen de verzoeker en de dader.
De Commissie kan de stukken of inlichtingen opvragen die ze nuttig acht. Zo kan ze bij het parket het afgesloten strafdossier opvragen of om inlichtingen verzoeken betreffende de financiële en sociale toestand van de verzoeker en de dader. Ze kan de Gerechtelijke geneeskundige dienst gelasten om het slachtoffer te onderzoeken en de letsels te omschrijven.
De Commissie kan geen strafonderzoek voeren; dit behoort niet tot haar bevoegdheid. Ze moet zich schikken naar de definitieve beslissing op strafgebied. Zo kan ze bij vrijspraak niet oordelen dat de tegenpartij toch schuldig zou zijn. De beslissing van de rechter over de vordering tot schadevergoeding is niet bindend voor de Commissie, maar zal doorgaans als uitgangspunt genomen worden.
7. Wanneer en hoe het verzoek indienen?
Het verzoek kan worden ingediend van zodra aan de wettelijke voorwaarden is voldaan.
Het verzoekschrift wordt bij het secretariaat van de Commissie neergelegd of haar per aangetekende brief toegestuurd. Bij het secretariaat kan u een voorgedrukt formulier bekomen(8) .
Het verzoek om hulp moet binnen drie jaar worden ingediend. Deze termijn loopt, naar gelang het geval, vanaf de eerste beslissing tot seponering, vanaf de beslissing van het onderzoeksgerecht, vanaf de dag waarop definitief uitspraak is gedaan op strafgebied of vanaf de dag, indien deze van latere datum is, waarop uitspraak is gedaan over de burgerlijke belangen.
Voor noodhulp is geen beslissing op strafgebied vereist. Noodhulp kan gevraagd worden van zodra de verzoeker zich burgerlijke partij heeft gesteld of klacht heeft neergelegd.
Om aanvullende hulp kan verzocht worden voor zover dit gebeurt binnen 10 jaar vanaf de dag waarop de hoofdhulp vereffend is.
Het verzoekschrift omvat een korte beschrijving van de gewelddaad, van de schade en van de middelen om schadevergoeding te bekomen. Het raamt de verschillende bestanddelen van de schade waarvoor een hulp gevraagd wordt. Bij het verzoekschrift worden een kopie van de rechterlijke beslissingen en de stukken tot staving gevoegd.
8. Hoe verloopt de procedure ?
Na ontvangst van het verzoekschrift opent het secretariaat van de Commissie een dossier.
Het secretariaat bereidt de dossiers voor en vult ze aan. Het maakt in elke zaak een verslag op en kan de commissieleden voorstellen om een onderzoeksverrichting te bevelen. Het verslag omvat een beknopte weergave van de feitelijke gegevens en de genomen rechterlijke beslissingen. Het geeft in voorkomend geval aan welke gegevens nog ontbreken en welke wettelijke voorwaarden niet of nog niet vervuld lijken te zijn.
Zowel de verzoeker als de minister van Justitie (in de praktijk zijn afgevaardigde) kunnen schriftelijk hun opmerkingen formuleren. De afgevaardigde van de minister waakt over een correcte toepassing van de wettelijke voorwaarden.
De verzoeker wordt door de Commissie gehoord indien hij daar schriftelijk heeft om verzocht of indien de Commissie dit noodzakelijk acht. Hij kan zich laten bijstaan of vertegenwoordigen door een advocaat. Hij kan zich ook kosteloos laten bijstaan door een vereniging die hiertoe door de Koning is erkend(9).
Elke kamer van de Commissie bestaat uit drie personen: een magistraat die de kamer voorzit, een advocaat en een ambtenaar van de Federale Overheidsdienst Financiën of Volksgezondheid(10).
De beslissing wordt per post bekendgemaakt. Binnen de zestig dagen is een beroep tot nietigverklaring mogelijk bij de Raad van State, onder meer wegens schending van de wet. Hiertoe raadpleegt u best een advocaat.
9.adres
Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden
Postadres : Waterloolaan 115, 1000 Brussel
Lokalen : Hallepoortlaan 5-8, 1000 Brussel
Tel. : 02/542.72.18, 02/542.72.24 of 02/542.72.29.
commissie.slachtoffers@just.fgov.be
PDF voor advocaten (Engels)
Whether you’re a corporate lawyer, legal services manager, paralegal,or in litigation support, it’s critical to have a secure, easily accessible way to share legal documents with clients, co-counsel, and outside counsel. It’s also essential to archive documents and maintain an audit trail of all correspondences, including e-mails and their attachments.
Adobe® Acrobat® 8 Professional streamlines, secures, and expedites document development for legal professionals. Expedite information collection — interrogatories, due diligence, client intakes. Easily find and consolidate documents associated with a case or client. And get everyone on the same page.
